De gemeente Delft werkt hard aan de fysieke verkeersinfrastructuur om de bereikbaarheid van de binnenstad en de campus van de TU Delft te verbeteren. Maar ook technologische innovaties spelen een belangrijke rol in het verbeteren van de verkeersdoorstroming.

In Delft lopen diverse pilots met innovatieve verkeerstechnologie. Het aanbieden van wachttijdinformatie aan weggebruikers op een aantal kruispunten is er één van. Deze pilot is een samenwerking tussen de gemeente en Siemens Mobility. “We worden regelmatig door bedrijven benaderd met de vraag of ze nieuwe verkeerstechnologie mogen testen in de openbare ruimte”, aldus de Delftse wethouder Verkeer, Lennart Harpe. “Als dit op een veilige manier mogelijk is, faciliteren we dit. Als technologiestad bekijken we graag hoe we technologie zo slim mogelijk inzetten om de verkeersstromen te verbeteren en kunnen we launching customer zijn. We hebben een eigen verkeerscentrale met technisch deskundigen die kunnen ingrijpen in onze verkeersregelinstallaties. Dit is een van de redenen waarom we in de openbare ruimte pilots met nieuwe verkeerstechnologie kunnen doen. We gebruiken al jaren digitale verkeersoplossingen. We monitoren bijvoorbeeld op diverse plaatsen in de stad het verkeer om knelpunten zichtbaar te maken.”

Proeftuin voor innovatie op TU-campus

Ook met de onderwijssector werkt de gemeente nauw samen rond verkeerstechnologische innovaties. Studenten van de TU Delft, De Haagse Hogeschool en InHolland denken mee over actuele vraagstukken zoals het creëren van bijkomende parkeergelegenheid voor fietsers. Om de zes tot acht weken bespreekt Harpe gezamenlijke onderwerpen met Anka Mulder, vice-president education & operations aan de TU Delft. Met de Green Village is op de TU-campus een proeftuin voor innovatie gevestigd. In dit openbare gebied gelden minder strenge regels en kortere procedures, waardoor innovaties sneller in een praktijksituatie kunnen worden uitgetest. Er loopt momenteel een proef waarbij waterstofauto’s tevens dienen als stroombron voor het energienet. Ook de gemeente gaat een waterstofauto toevoegen aan het gemeentelijk wagenpark. Harpe: “Of deze technologie wat gaat worden, kan nog niemand voorspellen. Je komt er alleen achter door het uit te proberen in de praktijk. Het field & research lab van het departement Transport & Planning onder leiding van professor dr. Bart van Arem wil graag op een teststrook in de openbare ruimte zelfrijdende voertuigen kunnen testen. Het duurt nog wel even voor dergelijke voertuigen op een veilige manier door onze binnenstad kunnen rijden. Het aanbieden van testruimte zien we als een belangrijke stap op de weg daarheen.”

Fietsfiles

Op de campus en in de binnenstad realiseert de gemeente oplaadinfrastructuur voor elektrische auto’s. De hele parkeerketen in de stad is gedigitaliseerd. De voormalige pollers om verkeer in de autoluwe binnenstad te reguleren zijn vervangen door een digitaal toegangssysteem op basis van kentekenaanmelding en ontheffing. Ook voor het tellen en stroomlijnen van fietsverkeer wordt technologie ingezet. Als studentenstad, en daarmee ook fietsstad, heeft Delft last van fietsfiles. Op bepaalde momenten van de dag kunnen bewoners door het drukke fietsverkeer hun woonwijk nauwelijks verlaten. De gemeente en de TU Delft zetten in op een combinatie van fysieke en digitale oplossingen. Harpe: “We kijken hoe we fietsroutes kunnen verleggen en wachttijden voor fietsers kunnen voorspellen. Op kruispunten geven we aan welke route voor fietsers de meest optimale is. Dat zijn op zich geen schokkende dingen, maar ze helpen wel om de verkeersstroming te verbeteren.”

Enthousiast maar realistisch

Harpe vindt het mooi dat steeds meer digitale oplossingen voor autoverkeer ook geschikt worden gemaakt voor fietsverkeer. Als voorbeeld noemt hij de verwijzing naar vrije fietsstallingsplaatsen in de nieuwe fietsenstalling bij het station, die voor een betere benutting zorgt. “Er kan steeds meer met technologie. Als gemeente proberen we enthousiast nieuwe dingen uit. We blijven wel realistisch. Niemand twijfelt eraan dat we toe gaan naar zelfrijdende auto’s, maar het moet veilig zijn om achter het stuur je krant te zitten lezen. Het zal nog een hele poos duren voor het zover is. Om de verdere ontwikkeling te stimuleren, implementeren we nu alvast onderdelen van zelfrijdende voertuigen en kijken we of ze de verkeersdoorstroming beter en veiliger maken.”

Nu en later

Nabij het station bouwt Delft een nieuwe parkeergarage met circa 650 parkeerplaatsen. Harpe beseft dat deze – door allerlei mobiliteitsontwikkelingen – in de toekomst wellicht overbodig kan worden. Geen reden voor de wethouder om hem nu niet te bouwen: “Bij alle enthousiasme over (technologische) mogelijkheden in de toekomst mogen we de huidige behoeften niet uit het oog verliezen. We moeten zowel investeren in toekomstige mobiliteitstechnologie als in verkeersmaatregelen die nu nodig zijn. Wat we doen met deze parkeergarage als hij overbodig wordt, zien we dan wel. Misschien maken we er wel een gigantische fietsparkeergarage van!”