Adaptive Cruise Control-systemen (ACC) regelen op basis van sensortechnologie de snelheid en volgafstand van de wagen. Dat is comfortabel en veilig voor de bestuurder, maar leidt het ook tot een betere doorstroming van het verkeer?

Volgens Gerben Passier is het tegendeel het geval. ‘Als alle auto’s ACC zouden hebben, zouden we in een bijna verzadigd verkeersbeeld tot stilstand komen’, legt de Business Development manager bij Siemens uit. ‘Iedere auto maakt immers zijn eigen snelheidsberekening. Ook reageren ACC-systemen niet allemaal even snel op de voorligger. Men kan zelf bepalen hoe snel ze moeten reageren.’ Ook de reactiesnelheid van menselijke bestuurders verschilt per persoon. Laat dat nou net aan de basis liggen van zogenoemde ‘spookfiles’. In drukke verkeerssituaties veroorzaken plotselinge versnellingen of rembewegingen een schokgolf, die zich stroomopwaarts voortplant en uiteindelijk tot filevorming leidt.

Platooning

Sensortechniek pur sang is dus niet geschikt om de verkeersdoorstroming te verbeteren. De oplossing ligt volgens Passier in Cooperative Adaptive Cruise Control (CACC), waarmee platooning mogelijk wordt. Platooning vergroot de verkeerscapaciteit van een weg. Begin dit jaar deden Transport en Logistiek Nederland en Scania een test met platooning voor vrachtwagens op de A28. De eerste vrachtwagen was de platoon leader. Alle anderen volgden, maar niet op basis van sensortechnologie. In plaats daarvan vond snelle wifi-communicatie tussen de voertuigen plaats. ‘De voertuigindustrie heeft een businesscase voor op wifi gebaseerde vehicle-to-vehicle-communicatie’, aldus Passier. ‘Het verbetert niet alleen de doorstroming, maar ook de veiligheid op de weg. Vooral voor vrachtwagenchauffeurs betekent het een flinke ontlasting.’

‘De voertuigindustrie heeft een businesscase voor op wifi gebaseerde vehicle-to-vehicle-communicatie.’

Arbiter

Wifi-communicatie is ook een oplossing voor andere situaties waarin sensortechnologie tekort schiet. Zo kunnen voertuigen alleen op basis van sensortechnologie niet beslissen wie voorrang heeft op een kruispunt. Verhoeven: ‘Hiervoor heb je een arbiter nodig. Een wegsysteem dat op basis van wifi met de voertuigen communiceert.’

First mover

Amerika is al verder met de introductie van deze technologie dan Europa, wat te maken heeft met het uitgestrekte wegennet en het relatief hoge aantal verkeersongevallen in de Verenigde Staten. Een aantal Amerikaanse staten werkt aan wetgeving om coöperatieve technologie in voertuigen te verplichten. Behalve CACC zijn er veiligheidsdiensten als Forward Collision Warning, Blind Spot Warning, Lane Change Warning en Emergency Electronic Brake Lights. General Motors gaat een volgend Cadillac-model standaard uitrusten met een coöperatieve on-board unit voor dit sooort diensten. In Europa is het wachten op de first mover. De communicatie tussen voertuigen en tussen voertuigen en de wegkant is inmiddels verregaand gestandaardiseerd. De echte doorbraak zal pas komen als één van de grote Europese autofabrikanten, VW of PSA, het voorbeeld van General Motors volgt.

Verzekeraars

CACC heeft al een positief effect op de verkeersdoorstroming als acht tot tien procent van de weggebruikers de technologie aan boord heeft. Effecten op de veiligheid zijn pas merkbaar vanaf een penetratiegraad van 90%. Passier: ‘De gemiddelde levensduur van een voertuig in Nederland bedraagt twaalf jaar. Als de eerste wagens met coöperatieve modules in 2018 op de markt verschijnen, kunnen we rond 2030 een penetratiegraad van 95% bereiken. Het ligt voor de hand om eerst het OV en de hulpverleningsvoertuigen aan te pakken, vervolgens het vrachtvervoer, lease-auto’s en de particuliere vloot. Onder meer verzekeraars kunnen dit proces stimuleren.’

Ethisch rijden

E-mails checken achter het stuur, de krant lezen of zelf een dutje doen terwijl de auto je veilig naar huis brengt. Ondanks de technologische ontwikkelingen is het nog toekomstmuziek. Passier: ‘Vergeet niet dat menselijke bestuurders in een fractie van een seconde ook ethische beslissingen kunnen nemen en dat men ook op basis van sociale interactie (oogcontact) iemand voorrang verleent of zelf voorrang krijgt.’