Ze rijdt sinds haar achttiende en heeft nog nooit een ongeval veroorzaakt. Toch durfde Miranda Schut enkele jaren geleden haast niet meer in de auto te stappen. Perfectionisme bleek de oorzaak. ‘Ik was bang om fouten te maken in het verkeer.’

Na de geboorte van haar zoontje zat Miranda niet lekker in haar vel. In die periode ontwikkelde ze rijangst. ‘Op de snelweg haalde ik een vrachtwagen in. Een achterligger kwam hard aanrijden en signaleerde dat ik vrije baan moest maken. Ik kon door die vrachtwagen geen kant op! Even later ben ik aan de kant gaan staan om op adem te komen. Ik durfde niet meer in de auto te stappen. Mijn man heeft me afgehaald.’

Miranda Schut

Vandaag kan Miranda weer ontspannen in de auto stappen.

Win-win?

Een paar weken later kreeg ze opnieuw een paniekaanval. ‘Toen ik ’s middags van mijn werk kwam was ik een beetje moe. Op weg naar huis durfde ik niet meer in te halen. Ik werd overvallen door een soort allesoverheersende angst. Ik moest die snelweg af!’ Ook tunnels werden een probleem. Miranda kreeg het benauwd in tunnels omdat ze het gevoel had niet weg te kunnen. Om zich niet druk te hoeven maken, nam ze wel eens de trein. ‘Naar mijn werk moest ik wél met de auto, bij gebrek aan een goede treinverbinding. Heel vervelend. Ik was ’s ochtends al gespannen omdat ik ’s middags via de snelweg naar huis moest rijden.’ Ze besloot voortaan binnendoor te rijden en nam de extra reistijd voor lief. ‘Ik rijd ’s ochtends richting Egmond aan Zee. Op de binnenwegen hoorde ik de vogeltjes fluiten en zag ik de zon opgaan. Eigenlijk vond ik het best aardig. Een soort win-win-situatie.’

Breaking point

Probleem opgelost, dacht Miranda, die niemand verteld had over haar rijangst. Tot het volgende gebeurde: ‘Ik maakte een uitstap met mijn zus en zoontje en zat zelf achter het stuur. Op een gegeven moment reden we op de grote brug in Den Bosch af. Hij doemde als een reusachtig gevaarte voor mij op. Ik panikeerde. Op het allerlaatste moment heb ik de wagen aan de kant gezet. Mijn zus heeft het stuur van me overgenomen. Dat was de breaking point. Ik ben hulp gaan zoeken.’

Irreëel

Ze klopte aan bij Autorijschool Rob Geels en maakte samen met rijinstructeur Geels een autoritje. ‘Na tien minuten had hij genoeg gezien. Hij zei dat ik prima kon rijden maar vond dat ik alles té goed onder controle wilde hebben. Dat was heel confronterend. Ik ben best perfectionistisch ingesteld en wil alles zo goed mogelijk doen. Zowel thuis als op mijn werk. Ik ben ontzettend bang om fouten te maken. Rob Geels liet me inzien wat dit doet met mijn rijgedrag. Ik was bang om door een stomme fout een verkeersongeval te veroorzaken. Of ik dacht dat ik met de auto tegen een tunnelwand aan zou rijden. Een irreële gedachte: ik bén nog nooit tegen een tunnelwand aan gereden. . Eigenlijk is het gek dat ik juist in tunnels zo bang was. Ze zijn immers volledig geautomatiseerd en zitten boordevol camera’s, verkeerssystemen en andere slimme detectieapparatuur. Rob Geels vertelde me dat je nergens zo veilig bent als in een tunnel. Als er iets gebeurt, gaat er onmiddellijk een alarm af in de verkeerscentrale en zijn de hulpdiensten meteen ter plekke.’

Eye-opener

Miranda ging inzien hoe ze achter het stuur zat en begreep dat ze veel beter kon rijden dan ze zelf dacht. ‘Als je het verkeer goed in de gaten houdt, kan je meestal wel reageren op onverwachte situaties. De bestuurder heeft de controle, niet de auto. Dat was een eye-opener voor mij.’ Inmiddels zit Miranda weer prima in haar vel. Rijden zal wellicht nooit haar grootste hobby worden, maar ze vindt het wel fijn om zonder angst in de auto te stappen. ‘Zelf kunnen rijden is een stuk vrijheid, en die heb ik nu terug!’